Kerken

Op veel plekken wordt er op een fiets uitsluitend gereden. In Nederland noemen we dat fietsen. En we spelen geen voetbal – we voetballen. Want in het Nederlands maken we graag werkwoorden van zelfstandige naamwoorden. In het Zeeuws kun je niet alleen fietsen en voetballen, maar ook “kerken” (kaereken).  Wat betekent dit?

a)  Prediken.

b)  Zeuren.

c)  Naar de kerk gaan.

d)  Bidden.


 

Advertisements

2 thoughts on “Kerken

  1. Er is eerst en vooral het woordje kerk waarbij het over een gemeenschap gaat of een samenroeping van gelovigen. In oude gemeenschappen mocht er daar wel eens gesproken worden van “kerken” of “ter kerke gaan”. Maar als men het woordje “kerken” hoort denken wij toch eerst en vooral aan verschillende gemeenschappen of verscheidene geloofsgroepen, beter gezegd ook dikwijls verschillende denominaties. Daarnaast kan men met “kerken” ook verscheidene kerkgebouwen in het achterhoofd hebben.

    In dat eigenaardige Nederlands zou men dan wellicht kunnen spreken van “te gaan kerken in kerken”. 😉

    Like

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s