Dood

3d344ec005dabb2dcaf281bec61a2458

De dood is meer een thema voor tieners ofzo.
Om te denken aan de droefenis en de drama
Harde woorden en zwarte romantiek
Toneelgenieke dood met filmgevechten
een afgezoomd plot
Met bloedfontijnen als bij Tarantino
in de kleur van siroop.

De dood is een idee,
iets om te roepen als je het echt niet meer weet.
De dood is een gevoel,
iets om over te fantaseren
als het leven je verveelt.
Iets om mee om je heen te slaan,
zolang-ie een idee blijft, een gevoel.
Wat mijmeren over flatterende zwarte jurken
en coole one-liners
uit donkere liedjes en fatalistische films.
Zolang-ie niet langskomt, op je schouder tikt en dreigt
door je familie te maaien met zijn zeis.
In je vrije tijd een beetje schrijven
Over hoe je sterft en hoe dat dan zou zijn.
Of schrijven over wie er allemaal aan het gas moet
en wie in zee, met jouw goedkeuring.
Alsof je professioneel handelt in de dood
en nergens bang voor bent.
Geert zegt immers dat je recht hebt om boos te zijn.
Intussen eet je alleen maar frikandellen
omdat kippenpoten nog teveel op een dier lijken.
Nee, die genocide komt er wel.
Als je er online voor kan stemmen.

Nu ik oud ben trekt de dood me niet meer zo.
Misschien omdat mijn leven nu de shit is
(en toen ik zestien was wat minder)
Of misschien omdat menselijk drama in het echt
Gewoon kut en onflatteus is
niet als in de poëzie of op teevee.


 

DSC_0019

Het is zomer en de dorm waar ik woon loopt langzaam leeg.
Iedereen gaat terug naar zijn thuisland.
Nog een week en dan is het überhaupt alleen nog
ik en de buurman uit Oezbekistan.
Sommigen komen nooit meer terug.
Je zou er een beetje melancholisch van worden,
van zo’n eenentwintigste eeuws bestaan
van migrerende mensen.
Maar voor elke nieuwe vriend die weggaat,
spoelen er weer oude bekenden aan.
Nooit een saai moment.

Intussen is het op werk rustig.
Serieuze grammatica, daar doen we ‘s zomers niet aan
Er zijn weinig kinderen
we kletsen en we knutselen alleen maar.
Juf Samira vindt het allemaal wel best.

Engels mag een wereldtaal zijn,
met Nederlands kom je pas écht overal.
Zo was ik onlangs op sollicitatie
bij de ambassadeur van een Afrikaans land.
Nu wandel ik twee keer per week naar zijn huis
in een lommerrijke buurt voor rijkelui
pal in het centrum.
Om zijn dochter wat Nederlands te leren.

Intussen heb ik vier bijbaantjes.
Koning te rijk
met mijn zakken vol bankbiljetten.
Het kon alleszins slechter.


 

XXXII

We bestaan niet zomaar
We beleven tussen aanhalingstekens
ziende blind overleven we onze avonturen.
We kleuren gebeurtenissen voortijdig

of dat slecht is.

Ja we steken anderen de ogen uit
met spannende plaatjes in hoog contrast
en zeggen er niet bij hoe we daarna in foetus-houding
ongeduldig de goedkeuring van anderen afwachten.
Maar alsof dat is wat we willen,
mensen die eerlijk zeggen dat ze het ook niet weten
en er niets van bakken.
Tuurlijk is dat af en toe cathartisch
lekker zwelgen en verkneukelen
maar je moet het wel uit kunnen zetten
als een serie.

Is dit anders dan hoe we ons
dingen altijd mooier herinneren dan ze waren.
Hoe oude foto’s een romantiek ademen
wanneer de muffe lucht van ellende, armoede
en slechte hygiëne is opgetrokken.
We verleven ons leven met halfdichte ogen,
en filteren met onze wimpers.
En als het is afgeleefd
resten alleen nog goede anekdotes
en een paar voordelige foto’s
(als we geluk hebben en niet beroemd worden).

Mensen willen mooi leven
Voor de één is dat een niet aflatende stroom uitzichten
in sepia, om te delen
Voor de ander is een (zo goed als) nieuwe Mercedes
Voor een derde is het misschien zitten
in je saaie kleren, in een antieke bureaustoel
lekker tegen je eigen tijdvak zitten wezen
en je gal herkauwen (liefst voor publiek),
want vroeger, wat je kent uit boeken en overlevering
was beter.

Voor mij is het wijn drinken in de Kaukasus in de zon
En sjasliek eten
Met rode lippenstift op
(het kan zo simpel wezen).

Oh leven, ik heb je beleefd, dat je het weet.
Al voelde je er niet veel van.